Interview

Mark Tolboom

Twee zaken zijn voor mij belangrijk: sporten van de jeugd tot en met aansluiting van de jeugd aan de topsport en sporten voor mensen met een beperking.

Twee zaken zijn voor mij belangrijk: sporten van de jeugd tot en met aansluiting van de jeugd aan de topsport en sporten voor mensen met een beperking.

De jeugd is de toekomst moet geen lege uitspraak zijn. Een gedeeld beleid binnen een gemeente over hoe we kinderen aan het sporten krijgen, helpt de sport aan jonge aanwas in de top. Vervolgens talenten kunnen scouten en daarmee aan het werk gaan.
Ik zie dat in de paardensport. Er ontstaat een grote kloof tussen de zogenaamde gevestigde orde in de ruitersport en de jeugd. Het is niet voor niets dat de grote voetbalclubs een eigen jeugdopleiding hebben. Ik ben van mening dat dit niet alleen van de clubs, verenigingen of sportaccommodatie eigenaren moet afkomen. De Nationale Sportbond, maar zeker ook gemeenten en ondernemersgroepen kunnen van grote betekenis zijn bij het ontwikkelen en uitvoeren van het sportbeleid gericht op jeugd. Coördinatie met scholen om de jeugd aan het sporten te krijgen kan op het gemeentelijke niveau gedaan worden. Het begint bij de jeugd aan het sporten te krijgen, en zo door te pakken van de breedtesport naar de topsport met een goed talentenplan.

Als voorbeeld op mijn eigen bedrijf heb ik binnen Stal Groenendaal een talentenplan ontwikkeld. Aan talenten uit de manegelessen bieden wij, met instemming van de ouders, een programma waarin ze vaker rijden. Dit gebeurt vaak op dezelfde paarden, in tegenstelling tot de manegelessen waar diversiteit noodzakelijk is om te leren rijden, en meer op sport gerichte instructie krijgen. Die instructie wordt gegeven door een van de hoger gekwalificeerde instructeurs en mijzelf. Ook coachen wij deze groep bij wedstrijden. Een extra inspanning die noodzakelijk is.

Ik ben Mark Tolboom, 45 jaar en ben geboren en getogen in Zevenhuizen (Bunschoten). Samen met Liesbeth heb ik twee dochters en een zoon.
Stal Groenendaal is het paardensportbedrijf dat ik samen met mijn gezin run. Het bestaat uit een manege waar we vele mensen uit de omgeving leren paardrijden, of het plezier van paardrijden laten ervaren aan de recreatieve ruiter. Daarnaast hebben we een pensionstal waar zowel de recreatieve ruiter als de sportruiter hun eigen paard kunnen stallen en gebruik kunnen maken van de accommodatie om te trainen. In totaal staan er ongeveer 120 paarden en pony’s.

We zijn zelf actief in de springsport. Onze dochters zijn erg succesvol in zowel de nationale arena als in de internationale arena. Ze doen dat op de paarden die in onze eigen fokkerij gefokt zijn.

Mensen met een beperking krijgen naar mijn mening te weinig mogelijkheden en kansen om te sporten. Landelijk gezien zijn er binnen de sportbonden initiatieven, maar ook hier mist de aansluiting met de breedtesport. De gemeenten kunnen hierin verantwoordelijkheid nemen en wel in de coördinatie en financiële ondersteuning. Coördinatie om bij verschillende verenigingen te inventariseren welke mogelijkheden zij zien en verenigingen aan elkaar te verbinden. Vervolgens initiatieven nemen over de vereniging heen om daarmee deze groep tegemoet te komen aan de zo noodzakelijke beweging. Vanuit de gemeente kan een financiële ondersteuning van grote hulp zijn bij deze gecoördineerde activiteiten.

Het sporten voor de jeugd en het bieden van mogelijkheden aan mensen met een beperking vind ik belangrijk. Het gaat er mij om dat we de mogelijkheden voor deze groepen in de breedte beschouwen. Ik wil dan ook binnen het Sportplatform bewerkstelligen dat we niet alleen kijken naar de wat meer traditionele sporten, zoals voetbal, hockey en tennis, maar ook kijken naar sporten die wat minder bekend zijn. Mijn eigen sport, de paardensport, is er één van, maar zeker ook sporten als zwemmen, gymnastiek, basketbal en watersport zoals het zeilen, zijn belangrijk om te beschouwen. De financiële mogelijkheden die de gemeente heeft moeten ook een bestemming krijgen bij deze sporten, zodat we een evenwichtige verdeling krijgen. Hiermee steunen we de verschillende sporten die het ten opzichte van de meer traditionele sporten (en daarom meer gesponsorde sporten) moeilijker hebben.

Diversiteit in de sport, zowel van de sporter als van de sport, is belangrijk.
Wat ik ook wil promoten door het Sportplatform Bunschoten is deze diversiteit. Of een sporter een beperking heeft, oud is, of welk labeltje je aan een sporter zou kunnen geven, het is een sporter. Binnen de mogelijkheden van de sporter moeten we zorgen dat die mogelijkheden benut worden. Dat geldt zowel voor de recreatieve sporter, de breedtesport en de weg naar de topsport.

Sportplatform Bunschoten

DOE MEE

DOE MEE